Aansprakelijkheid bij verkoop

Op 14 november 2017 heeft het Gerechtshof Den Haag een bestuurder van een B.V. aansprakelijk gehouden voor de verkoop van een ondeugdelijk paard. Dit is niet iets wat snel gebeurt, maar wel iets om als bestuurder rekening mee te houden. De uitspraak is ook om een andere reden interessant: ook de bij de verkoop betrokken bemiddelaar werd aansprakelijk gehouden. Na jaren van procederen krijgt de koper misschien nu eindelijk haar geld terug.

Om te begrijpen wat er in deze zaak speelde, moeten we een aantal jaren terug gaan. Op 9 mei 2011 heeft de Duitse onderneming Melisa Internationales Reitzentrum GmbH (“Melisa”) een merrie gekocht van Hoeve de Hazelaar B.V (“De Hazelaar”) voor een bedrag van € 320.000,-. De merrie droeg de naam Parcona en Melisa kocht het paard om haar in zetten als wedstrijdpaard. Dat De Hazelaar dit ook wist blijkt wel uit het feit dat dit ook zo in de koopovereenkomst stond opgenomen. De Hazelaar werd bestuurd door een Holding B.V., die weer werd bestuurd door een Beheermaatschappij B.V., die uiteindelijk weer werd bestuurd door een natuurlijk persoon. Bij de koop van Parcona was verder een bemiddelaar betrokken.

Na de verkoop van Parcona werd al snel duidelijk dat zij niet geschikt was als wedstrijdpaard. Na enige onderzoeken bleek namelijk dat Parcona nog vóór de verkoop een neurectomie heeft ondergaan. Dit is een chirurgische ingreep waarbij zenuwen worden doorgesneden om pijn in het been weg te nemen. Op zichzelf is dit natuurlijk prettig voor het paard, maar een niet zo prettige bijkomstigheid is dat paarden die een neurectomie hebben gehad door de FEI niet worden toegelaten tot competitie. Parcona kon dus niet gebruikt worden voor het doel waarvoor zij was gekocht. Melisa heeft de koopovereenkomst daarom vernietigd via een brief van 17 juni 2011. Nadat De Hazelaar aanvankelijk weigerde het aankoopbedrag terug te betalen bleek zij daar later, nadat zij hiertoe was veroordeeld door de Rechtbank Rotterdam en later door het Gerechtshof Den Haag, niet meer toe in staat. Melisa stond dus – ondanks alle procedures die zij had gevoerd – met lege handen. Van een kale kip kun je immers niet plukken. Melisa besloot daarom óók de bestuurders van De Hazelaar aan te spreken én de bemiddelaar die bij de koop was betrokken.

AANSPRAKELIJKHEID VAN EEN BESTUURDER

Bestuurders van een B.V. wanen zich in Nederland nog wel eens onaantastbaar. Het uitgangspunt is immers dat de B.V. aansprakelijk is en niet de bestuurder. Dit kan onder omstandigheden echter anders liggen. Een bestuurder van een B.V. kan gehouden zijn tot het betalen van een schadevergoeding, wanneer hij dusdanig onzorgvuldig heeft gehandeld dat dit ernstig verwijtbaar is. Dit kan allereerst het geval zijn wanneer een bestuurder verplichtingen aangaat, terwijl hij weet dat de B.V. deze – bijvoorbeeld door financiële problemen – niet na gaat kunnen komen. Hadden de bestuurders van De Hazelaar dus geweten dat Parcona nog vóór de verkoop een neurectomie had ondergaan, dan waren zij mogelijk aansprakelijk geweest. Zij wisten dan immers dat De Hazelaar niet zou kunnen nakomen. Melisa is er echter niet in geslaagd te bewijzen dat dit zo was. Daarbij woog in dit geval mee dat Parcona gedurende langere tijd niet op stal stond bij De Hazelaar zelf of bij haar bestuurders. Het was dus mogelijk dat de ingreep had plaatsgevonden, terwijl de bestuurders hier niet van wisten. Maar hier stopte het verhaal niet voor Melisa. Een bestuurder kan namelijk ook persoonlijk aansprakelijk zijn wanneer hij ervoor zorgt of toelaat dat de B.V. haar verplichtingen niet nakomt. Het gaat dan bijvoorbeeld om het geval dat een bestuurder simpelweg niet wil betalen (betalingsonwil), terwijl – bijvoorbeeld naar aanleiding van een vonnis van de rechtbank – duidelijk is dat de B.V. dit wel moet en dit ook kan. Is er dan uiteindelijk geen geld meer om de vordering te voldoen, dan is de bestuurder mogelijk aansprakelijk voor de schade die de schuldeiser hierdoor lijdt.

De bestuurders wisten in de zaak Parcona in ieder geval rond 17 juni 2011 dat Melisa haar geld terug wilde. Toen ontvingen de bestuurders namelijk de vernietigingsbrief die Melisa had gestuurd. Vanaf dat moment moesten zij er dus rekening mee houden dat het geld wellicht terug zou moeten naar Melisa en hadden zij dit – voor zover mogelijk – moeten reserveren. De advocaat van De Hazelaar schrijft Melisa daarbij op 26 oktober 2011 nog dat de koopsom zal worden terugbetaald. Het Hof gaat er dan ook vanuit dat De Hazelaar hier op dat moment nog toe in staat was. Enige tijd later, op 17 juli 2012, schrijft de advocaat dat De Hazelaar onvoldoende activa heeft voor een (gedeeltelijke) terugbetaling.

Het kan gebeuren dat een B.V. niet in staat is (al) haar schulden te voldoen. Een dergelijke betalingsonmacht levert nog niet per se de aansprakelijkheid van een bestuurder op (tenzij er bijvoorbeeld sprake is van duidelijk wanbestuur). Het is echter wel zaak als bestuurder een dergelijke betalingsonmacht goed te onderbouwen. Van de bestuurders mocht volgens het Hof worden verwacht dat zij zouden hebben uitgelegd waaraan de koopsom voor Parcona was besteed of door welke ontwikkelingen De Hazelaar op 26 oktober 2011 nog wel, maar op 17 juli 2012 niet meer in staat was te betalen. Een dergelijk uitleg bleef echter uit. Het Hof gaat er dan ook vanuit dat de bestuurders Melisa niet hebben willen terugbetalen, ondanks het feit dat zij dit – in ieder geval gedurende enige tijd – nog wel konden. De bestuurders zijn veroordeeld tot vergoeding van de schade die Melisa heeft geleden vanwege deze betalingsonwil. Het gaat dan om de koopprijs die Melisa heeft betaald van €320.000,-.

AANSPRAKELIJKHEID VAN EEN BEMIDDELAAR

Naast de bestuurders is ook de bij de koop betrokken bemiddelaar aansprakelijk gesteld door Melisa. Hoewel een bemiddelaar nauw bij de koop betrokken is, is hij uiteindelijk geen contractspartij. Als uitgangspunt geldt dan ook dat hij niet aansprakelijk is wanneer er iets mis blijkt te zijn bij het paard. Het is immers aan de verkoper om een goed paard te leveren en niet aan de bemiddelaar. Dit ligt anders wanneer een bemiddelaar informatie achterhoudt. Beschikt de bemiddelaar over voor de koper relevante informatie over het paard, dan mag van hem worden verwacht dat hij deze informatie met de koper deelt.

In deze zaak is vast komen te staan dat de bemiddelaar wist dat Parcona op enig moment voorafgaand aan de koop was behandeld aan het “left front fetlock joint” in verband met de positieve flexion testen. Dit was relevante informatie geweest voor de dierenarts die de aankoopkeuring verrichte, maar de bemiddelaar heeft de informatie voor zich gehouden. Hij heeft nog wel gezegd dat Parcona was behandeld aan haar knie en rug, maar dit was volgens het Hof onvoldoende nu hij over de genoemde behandelingen en de positieve flexion testen zijn mond heeft gehouden.

Ook de bemiddelaar wordt aansprakelijk gehouden voor de door Melisa geleden schade en zelfs voor een groter bedrag dan de bestuurders van De Hazelaar. Het Hof gaat er namelijk vanuit dat de koop nooit zou hebben plaatsgevonden als de bemiddelaar de betreffende informatie niet achter had gehouden. Hij is daarom aansprakelijk voor de koopprijs van Parcona van € 320.000,- én alle overige kosten ter hoogte van € 36.212,54.

CONCLUSIE

Hoewel een bestuurder niet snel persoonlijk aansprakelijk is, blijft het zaak zorgvuldig te blijven handelen en een goede documentatie bij te houden. Hadden de bestuurders een goed verhaal gehad over de financiële malaise bij De Hazelaar en hadden zij dit kunnen onderbouwen met (financiële) documenten, dan had de zaak wel eens anders kunnen uitpakken. Voor een bemiddelaar geldt feitelijk hetzelfde. Ook hij moet opletten zorgvuldig te handelen en daartoe dient hij alle belangrijke informatie te delen. Aan te raden is ook dit ergens schriftelijk neer te leggen om eventuele discussie achteraf te voorkomen. Voor Melisa heeft deze procedure geloond. Zij heeft nu vijf personen die zij kan aanspreken tot betaling. Het is voor haar te hopen dat zij wel over voldoende vermogen beschikken of dat zij goed zijn verzekerd.

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan contact op met Wibe Reddingius door te bellen naar 010 – 411 41 46 of te mailen naar reddingius@langelaarklinkhamer.com.

Dit artikel verscheen eerder in het tijdschrift De Hippische Ondernemer

Gerelateerde blog posts

Wibe Reddingius
Wibe Reddingius

Wibe Reddingius is advocaat en partner bij Langelaar Klinkhamer Advocaten. Hij specialiseert zich op het gebied van het ondernemingsrecht, contractenrecht en (internationaal) handelsrecht. Daarnaast is Wibe specialist op het gebied van het hippisch recht en is hij als zodanig advocaat van bekende ruiters en amazones, fokkers, handelaren en hippische brancheorganisaties. Vragen naar aanleiding van deze blog post? Neem contact op met Wibe door te mailen naar reddingius@langelaarklinkhamer.com.

Nederlands