Verlengde ‘garantietermijn’ door de Tweede Kamer aangenomen: gevolgen voor de paardenhandel

De Tweede Kamer heeft op 1 februari 2022 het wetsvoorstel ‘Implementatiewet richtlijnen verkoop goederen en levering digitale inhoud’ aangenomen. Dit wetsvoorstel bevat een verlenging van de huidige ‘garantietermijn’ bij consumentenkoop van zes maanden naar één jaar. Die verlengde ‘garantietermijn’ geldt ook bij de koop van levende dieren. Daarmee heeft dit wetsvoorstel mogelijk grote nadelige gevolgen voor de paardenhandel.

Naar huidig Nederlands recht geldt de zogenoemde ‘garantietermijn’ van zes maanden bij consumentenkoop. Als het gekochte een gebrek heeft (non-conform is) dat binnen zes maanden na aflevering aan het licht komt, wordt de zaak (in beginsel) vermoed bij aflevering niet aan de koopovereenkomst te hebben beantwoord. De consument wordt met dit vermoeden te hulp geschoten en het is aan de verkoper (als die handelde in de uitoefening van een beroep of bedrijfsmatig handelde) te bewijzen dat het gebrek bij aflevering nog niet bestond.

Die ‘garantietermijn’ geldt dus ook bij de koop van paarden en andere levende dieren. Bij dieren speelt dat zij van het ene op het andere moment allerlei gebreken kunnen krijgen, bijvoorbeeld veterinaire gebreken of gedragsproblemen. Voor de verkoper is het vaak lastig of onmogelijk te bewijzen dat het dier die gebreken bij aflevering nog niet had.

Het door de Tweede Kamer aangenomen wetsvoorstel bevat een ‘garantietermijn’ van één jaar. Dat is dus een verlenging van zes maanden ten opzichte van de huidige ‘garantietermijn’. Er is in het wetsvoorstel niet voor gekozen om de Europese richtlijn waarop de verlengde ‘garantietermijn’ is gebaseerd buiten toepassing te verklaren voor de koop van levende dieren (die mogelijkheid bestond wel). De amendementen die erop gericht waren bij de koop van levende dieren een kortere ‘garantietermijn’ dan één jaar te hanteren zijn door de Tweede Kamer verworpen.

Het wetsvoorstel ligt nu bij de Eerste Kamer. Als de Eerste Kamer het huidige wetsvoorstel ook aanneemt en het een wet wordt, heeft dit grote gevolgen voor de paardenhandel. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat de ‘garantietermijn’ alleen van toepassing is bij consumentenkoop: de koop tussen, simpel gezegd, een professionele verkoper en consument-koper. De verlengde ‘garantietermijn’ werkt in het voordeel van de consument, maar heeft zeer nadelige gevolgen voor de professionele verkoper. De consument kan namelijk tot één jaar na aflevering op vrij eenvoudige wijze bij de verkoper aangeven dat het paard niet aan de overeenkomst beantwoordt en die koopovereenkomst ontbinden. De verkoper loopt dus zes maanden langer dan nu het geval is het risico dat de koopovereenkomst met (grote kans op) succes wordt ontbonden. Dat betekent dus ook twaalf maanden lang onzekerheid voor de verkoper over of de koop wel ‘definitief’ is.

De verlengde garantietermijn zal mogelijk tot gevolg hebben dat paardenhandelaren, nog meer dan nu al het geval is, minder graag of helemaal niet meer willen verkopen aan een consument. Bovendien wekt de garantietermijn schijnconstructies in de hand. Ik kom in mijn praktijk steeds vaker tegen dat bijvoorbeeld jonge stalmedewerkers worden opgevoerd als kopende of verkopende partij van relatief zeer kostbare paarden om de consumenten-koop en dus de garantietermijn te omzeilen. Daarnaast pleit ik er al langer voor dat verkopers van paarden aan consumenten, zeker wanneer het paarden zijn in het hogere prijssegment, er verstandig aan doen om een paard, zo kort mogelijk voorafgaand aan de aflevering, zelf veterinair te laten keuren. Mocht het dan uiteindelijk komen tot een discussie, dan kan de verkoper het keuringsrapport gebruiken als bewijs dat het paard bij aflevering geen veterinaire gebreken vertoonde. Mijn advies aan verkopers is verder om in hun cash flow rekening te houden met de ‘garantietermijn’, omdat de mogelijkheid bestaat dat de koop binnen die termijn (rechtsgeldig) wordt ontbonden en de koopprijs moet worden terugbetaald.

Wibe Reddingius

Wibe Reddingius is advocaat en partner bij Langelaar Klinkhamer Advocaten. Hij specialiseert zich op het gebied van het ondernemingsrecht, contractenrecht en (internationaal) handelsrecht. Daarnaast is Wibe specialist op het gebied van het hippisch recht en is hij als zodanig advocaat van bekende ruiters en amazones, fokkers, handelaren en hippische brancheorganisaties. Vragen naar aanleiding van deze blog post? Neem contact op met Wibe door te mailen naar reddingius@langelaarklinkhamer.com.