De zorgplicht van de assurantietussenpersoon

Personen en bedrijven maken bij het afsluiten van een verzekering regelmatig gebruik van de diensten van een assurantietussenpersoon. Vertrouwende op de expertise van de assurantietussenpersoon gaat men ervan uit dat indien de verzekerde gebeurtenis zich voordoet de verzekeraar de betreffende schade dekt. Helaas blijkt dit niet altijd het geval en weigert de verzekeraar de schade uit te keren, bijvoorbeeld op de grond dat de verzekerde niet aan de polisvoorwaarden voldoet. Onder bepaalde omstandigheden kan de verzekerde in zo’n geval de assurantietussenpersoon voor de niet gedekte schade aanspreken. Recentelijk trad ik met succes op in een dergelijke kwestie namens verzekerde.

Casus: weigering uitkering onder cascoverzekering

De verzekerde had in 2009 een zeewaardig jacht gekocht om daarmee de wereldzeeën te bevaren. Voor dit 24 meter lange jacht had zij via een assurantiemakelaar een cascoverzekering afgesloten bij een verzekeraar. Voor deze cascoverzekering gaf de verzekeraar een polis af met de volgende (ongebruikelijke) clausule: “The vessel is to be fully classed by a classification society that is an IACS Member”. Op de polis is Engels recht van toepassing.

Helaas gaat het jacht in 2013 door brand volledig verloren. Onderzoek naar de oorzaak van de brand levert niets op, behoudens dat verondersteld wordt dat de brand is veroorzaakt door kortsluiting in het elektrisch systeem van het jacht.

De assurantietussenpersoon meldt namens verzekerde de schade bij de verzekeraar, met het verzoek om dekking te verlenen en tot uitkering onder de cascoverzekering over te gaan. De verzekeraar weigert echter dekking omdat niet is voldaan aan de eerdergenoemde ‘classification warranty’. Onder Engels recht kan de verzekeraar dekking weigeren, omdat schending van een dergelijke ‘warranty’ naar Engels recht betekent dat het jacht nooit verzekerd is geweest.

Verzekerde stelt daarom de assurantiemakelaar aansprakelijk. Voorafgaand en ook na het tot stand komen van de verzekeringsovereenkomst heeft de makelaar nooit gewezen op de essentiële aanwezigheid van een geldig klassecertificaat als voorwaarde voor de dekking van casco en machinerieën van het jacht. Door dit niet te doen heeft zij haar zorgplicht als assurantietussenpersoon (zoals neergelegd in art. 7:401 BW) geschonden.

De assurantietussenpersoon weigert de schade van de verzekerde te vergoeden en stelt daarbij dat de ‘classification warranty’ in de polis stond en de verzekerde dit zelf hadden kunnen lezen. Ook stelt zij zich op het standpunt dat schending van een ‘warranty’ naar Engels zeeverzekeringsrecht inderdaad met zich meebrengt dat de verzekeraar geen dekking hoeft te verlenen, maar dat verzekerde heeft nagelaten de verzekeraar toch aan te spreken tot uitkering, omdat de ‘classification warranty’ op een kennelijke vergissing berustte. Het jacht was immers bedoeld voor privégebruik en de vlagstaat van het schip vond een dergelijke classification niet nodig. Vanwege deze vergissing had verzekerde rectificatie van de polis moeten vorderen, waardoor toch dekking zou moeten worden verleend door de verzekeraar.

 

Zorgplicht assurantietussenpersoon

Over de zorgplicht van de assurantietussenpersoon is de laatste jaren regelmatig tot aan de Hoge Raad toe geprocedeerd. In 2003 bepaalde de Hoge Raad in het arrest Brals/Octant dat de zorgplicht van de assurantietussenpersoon op het volgende neerkomt:
“Een assurantietussenpersoon dient tegenover zijn opdrachtgever de zorg te betrachten die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot mag worden verwacht. Het is zijn taak te waken voor de belangen van de verzekeringnemer bij de tot zijn portefeuille behorende verzekeringen, tot welke taak behoort dat de assurantietussenpersoon de verzekeringnemer tijdig opmerkzaam maakt op de gevolgen die hem bekend geworden feiten voor de dekking van de tot zijn portefeuille behorende verzekering kunnen hebben.”

Uit dit arrest en latere uitspraken blijkt dat de zorgplicht van de assurantietussenpersoon omvangrijk is. De assurantietussenpersoon dient niet alleen te bemiddelen tussen de verzekerde en de verzekeraar, maar ook dient hij te adviseren en begeleiden vóór, bij en na het tot stand komen van de verzekering. Hierin dient hij een actieve en voortdurende rol te spelen. Indien de assurantietussenpersoon niet voldoet aan deze zorgplicht en de verzekerde hierdoor als gevolg van niet-dekking door de verzekeraar schade lijdt, dan kan hij hiervoor aansprakelijk worden gesteld.

 

Eigen schuld verzekerde

De omvang van de zorgplicht van de assurantietussenpersoon is niet onbegrensd. De verzekerde heeft met betrekking tot de dekking van de verzekering ook een eigen verantwoordelijkheid. Zo hoeft de assurantiepersoon (onder meer) niet in te staan voor de juistheid van de door de verzekerde verstrekte informatie. Indien er sprake is van eigen schuld aan de zijde van de verzekerde dan kan de rechter tot het oordeel komen dat het risico volledig bij de verzekerde ligt of dat de assurantietussenpersoon voor een gedeelte van de schade aansprakelijk is. De concrete invulling hiervan hangt telkens af van de omstandigheden van het geval.

 

Oordeel rechtbank

In deze casus komt de rechtbank tot het oordeel dat de assurantiemakelaar inderdaad niet heeft voldaan aan haar zorgplicht door niet te wijzen op de ‘classification warranty’ en door niet (zorgvuldiger) te onderzoeken of aan de warranty werd voldaan. Zij had er niet vanuit mogen gaan dat verzekerde wist wat de clausule inhield en had niet mogen afgaan op de door verzekerde verstrekte foutieve informatie. De assurantietussenpersoon had om een kopie van het classificatiecertificaat moeten vragen of inzage daarin moeten verlangen.

Tegelijkertijd mocht van verzekerde worden verwacht dat zij zorgvuldig omging met vragen van de assurantiemakelaar. Door de lichtvaardige beantwoording heeft verzekerde zelf ook enigszins bijgedragen aan de schade. Dat zij niet eerst bij de verzekeraar rectificatie van de polis had gevorderd achtte de rechtbank geoorloofd, gezien de starheid waarmee contractteksten onder Engels recht worden uitgelegd.

Op basis hiervan oordeelt de rechtbank dat de assurantietussenpersoon uiteindelijk aansprakelijk is voor 80% van de schade.

 

Lering

Uit deze zaak kunnen twee belangrijke conclusies worden getrokken:

  • het niet voldoen aan een in de polis gestelde warranty is naar Engels zeeverzekeringsrecht dodelijk.
  • de zorgplicht van de assurantiemakelaar brengt met zich mee dat hij de verzekerde (aantoonbaar) wijst op clausules die uitsluiting beperken en voortdurend blijft controleren (bij afsluiting of verlenging van verzekeringen) of de verzekerde (nog steeds) aan de voorwaarden voldoet, bijvoorbeeld door (schriftelijke) bewijsstukken, zoals certificaten, bij verzekerde op te vragen.

Heeft u vragen over de zorgplicht van de assurantietussenpersoon? Neem dan contact op met Erik Klinkhamer door te bellen naar 010 – 411 41 46 of te mailen naar klinkhamer@langelaarklinkhamer.com.

Gerelateerde blog posts

Comments
Erik Klinkhamer
Erik Klinkhamer

Erik Klinkhamer is advocaat en partner bij Langelaar Klinkhamer Advocaten. Hij heeft jarenlange ervaring op het gebied van het binnenvaartrecht en zeerecht. Erik adviseert en begeleidt cliënten onder meer bij aanvaringen, aansprakelijkheidskwesties en maritieme contracten. Ook procedeert en arbitreert hij regelmatig op dit gebied. Vragen naar aanleiding van deze blog post? Neem contact op met Erik door te mailen naar klinkhamer@langelaarklinkhamer.com.

Nederlands